Vier inhoudelijke (materiële) vragen

De rechter beoordeelt aan de hand van vier inhoudelijke (materiële) vragen of een verdachte strafbaar is:

  1. Is bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft gepleegd?
  2. Is het ten laste gelegde en bewezen feit strafbaar?
  3. Is de verdachte strafbaar?
  4. Welke straf moet er worden opgelegd?

De vier materiële vragen – FutureLearn:

https://www.futurelearn.com/courses/nederlands-recht/0/steps/15612

Art. 350 Sv

Indien het onderzoek in artikel 348 bedoeld, niet leidt tot toepassing van artikel 349, eerste lid, beraadslaagt de rechtbank op den grondslag der telastlegging en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting over de vraag of bewezen is dat het feit door den verdachte is begaan, en, zoo ja, welk strafbaar feit het bewezen verklaarde volgens de wet oplevert; indien wordt aangenomen dat het feit bewezen en strafbaar is, dan beraadslaagt de rechtbank over de strafbaarheid van den verdachte en over de oplegging van straf of maatregel, bij de wet bepaald.

Wetboek van Strafvordering:

https://wetten.overheid.nl/BWBR0001903/2009-07-01

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *