Categoriearchief: Wetten en Regels

Redelijkheid en billijkheid (Boek 6 BW)

  • Artikel 2 (Burgerlijk Wetboek Boek 6)

1 Schuldeiser en schuldenaar zijn verplicht zich jegens elkaar te gedragen overeenkomstig de eisen van redelijkheid en billijkheid.

2 Een tussen hen krachtens wet, gewoonte of rechtshandeling geldende regel is niet van toepassing, voor zover dit in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn.

  • Artikel 248 (Burgerlijk Wetboek Boek 6)

1 Een overeenkomst heeft niet alleen de door partijen overeengekomen rechtsgevolgen, maar ook die welke, naar de aard van de overeenkomst, uit de wet, de gewoonte of de eisen van redelijkheid en billijkheid voortvloeien.

2 Een tussen partijen als gevolg van de overeenkomst geldende regel is niet van toepassing, voor zover dit in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn.

Het arrest Ermes/Haviltex (tegenwoordig kortweg bekend als Haviltex)

Haviltex-arrest

Het Haviltex-arrest is eén van de meest geraadpleegde arresten. De Hoge Raad heeft in haar arrest van 13 maart 1981 bepaald hoe een overeenkomst uitgelegd moet worden:

Bij de uitleg van een contract moet niet alleen naar de letterlijke bewoordingen worden gekeken, maar ook naar de bedoeling van partijen en naar hetgeen zij redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten.

Overweging

In dit arrest formuleerde de Hoge Raad de zogenaamde Haviltex-formule:

De vraag hoe in een schriftelijk contract de verhouding van partijen is geregeld en of dit contract een leemte laat die moet worden aangevuld, kan niet worden beantwoord op grond van alleen maar een zuiver taalkundige uitleg van de bepalingen van dat contract. Voor de beantwoording van die vraag komt het immers aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan deze bepalingen mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Daarbij kan mede van belang zijn tot welke maatschappelijke kringen partijen behoren en welke rechtskennis van zodanige partijen kan worden verwacht.

(Dit citaat staat in de tweede overweging omtrent het middel)

Bron:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Haviltex

https://www.studytubelaw.nl/arresten/145-haviltex

 

 

Bij ontbreken wil ontstaat toch het ( niet gewilde) rechtsgevolg

Dubbele grondslag rechtshandeling:

bij ontbreken wil ontstaat toch het ( niet gewilde) rechtsgevolg als er sprake is van gerechtvaardigd vertrouwen van de wederpartij op de wilsverklaring 3:33 jo 3:35 BW (Burgerlijk Wetboek Boek)

Artikel 33

Een rechtshandeling vereist een op een rechtsgevolg gerichte wil die zich door een verklaring heeft geopenbaard.

Artikel 35

Tegen hem die eens anders verklaring of gedraging, overeenkomstig de zin die hij daaraan onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht toekennen, heeft opgevat als een door die ander tot hem gerichte verklaring van een bepaalde strekking, kan geen beroep worden gedaan op het ontbreken van een met deze verklaring overeenstemmende wil.

 

Vernietigbaarheid – art. 3:53 lid 1 BW

Artikel 53 (Burgerlijk Wetboek Boek 3)

1 De vernietiging werkt terug tot het tijdstip waarop de rechtshandeling is verricht.

2 Indien de reeds ingetreden gevolgen van een rechtshandeling bezwaarlijk ongedaan gemaakt kunnen worden, kan de rechter desgevraagd aan een vernietiging geheel of ten dele haar werking ontzeggen. Hij kan aan een partij die daardoor onbillijk wordt bevoordeeld, de verplichting opleggen tot een uitkering in geld aan de partij die benadeeld wordt.

Geestelijke stoornis 3:34 BW

Artikel 34 (Burgerlijk Wetboek Boek 3)

1 Heeft iemand wiens geestvermogens blijvend of tijdelijk zijn gestoord, iets verklaard, dan wordt een met de verklaring overeenstemmende wil geacht te ontbreken, indien de stoornis een redelijke waardering der bij de handeling betrokken belangen belette, of indien de verklaring onder invloed van die stoornis is gedaan. Een verklaring wordt vermoed onder invloed van de stoornis te zijn gedaan, indien de rechtshandeling voor de geestelijk gestoorde nadelig was, tenzij het nadeel op het tijdstip van de rechtshandeling redelijkerwijze niet was te voorzien.

2 Een zodanig ontbreken van wil maakt een rechtshandeling vernietigbaar. Een eenzijdige rechtshandeling die niet tot een of meer bepaalde personen gericht was, wordt door het ontbreken van wil echter nietig.

Vindplaats vermogensrecht ( het Burgerlijk Wetboek)

Het vermogensrecht is vastgelegd in de Boeken 3 t/m 8, van het Burgerlijk Wetboek (BW):

(Boek 3 t/m 8, gelaagde structuur, van algemeen naar bijzonder)

– boek 3 vermogensrecht in het algemeen (verbintenissenrecht én goederenrecht)
– boek 4 erfrecht
– boek 5 zakelijke rechten
– boek 6 algemeen gedeelte verbintenissenrecht
– Boek 7 ( en 7A) bijzondere overeenkomsten
– Boek 8 verkeersmiddelen en vervoer